Innovatieve zorg: Totaal welzijn voor lichaam en geest
RSI is een overbelastingssyndroom waarbij nek, schouders en armen zijn betrokken.
Het is een aandoening waarbij belastingsfactoren een rol spelen, veelal gecombineerd met een vermindering van de belastbaarheid van het spier/pees-mechanisme.
Belastingsfactoren zijn:
· verkeerd bewegingspatroon
· eenzijdige arbeid
· slechte werkhouding
· slechte werkgewoonten
Eenzijdige arbeid wordt nauwkeuriger omschreven als langdurige kortcyclische repeterende bewegingen.
Verminderde belastbaarheid kan een gevolg zijn van:
· bewegingsarmoede
· hoge werkdruk /stress
· eventuele belastende persoonlijke omstandigheden.
Mensen die RSI kunnen krijgen zijn vooral beeldschermwerkers zoals secretaressen, programmeurs, journalisten, grafisch ontwerpers en beleidsmedewerkers. Echter musici, schilders, kassiers, postsorteerders enz. kunnen ook RSI ontwikkelen.
RSI begint vaak met klachten van stijfheid en tintelingen tijdens het werk. De eerste klachten betreffen de dominante hand (in het algemeen de hand waarmee men schrijft of de muis bedient), maar in de meeste gevallen raakt op den duur ook de andere hand bij de klachten betrokken.
De klachten nemen geleidelijk toe en er ontstaat pijn die aanvankelijk duidelijk op één plaats gelokaliseerd is. Er is sprake van de eerste fase van RSI; pijn tijdens werk.
In de tweede fase van RSI is de relatie tussen pijn en werk minder duidelijk. De pijn treedt ook op bij huishoudelijk werk en houdt ‘s avonds of ‘s nachts aan. De pijn is ook meer diffuus verspreid en soms is er ook krachtsverlies. Nu is snelle behandeling noodzakelijk. Natuurlijk blijft herkenning en behandeling in de eerste fase beter.
In de derde (ernstige) fase van RSI is er altijd pijn die toeneemt bij de geringste activiteit. Aan- en uitkleden is al pijnlijk en een deur opendoen of sleutel omdraaien gaat bijna niet meer.
RSI staat voor letsel dat ontstaat door herhaalde (repetitieve) bewegingen. Aan bewegingen als kruipen, lopen, typen, schrijven, dansen,sporten of metselen is te zien dat bewegen niets anders is dan herhaling. Oftewel: herhaling is inherent aan bewegen. Niemand krijgt klachten van natuurlijk bewegen. Dus door herhaling is de verzameling van klachten in nek,schouders, armen, polsen, handen en vingers niet te verklaren. 'Herhaalde bewegingen zorgen vaak voor een overbelasting in de spieren die spierknopen, in medische taal "myofasciale triggerpoints", veroorzaken'. (www.triggerpointboek.nl)
“Myofasciale triggerpoints” in de spieren van de bovenste extremiteit geven een verstoring in dit gedeelte van het lichaam en kunnen heel wat pijn veroorzaken. Tevens geven zij een verstoring van het oorspronkelijke natuurlijke bewegingspatroon. Een myofasciaal triggerpoint is te definiëren als een gemakkelijk te irriteren, hevig pijnlijke plek in een knobbeltje of een duidelijk te voelen strakke streng spierweefsel.
Het effect dat een myofasciale triggerpoints op een spier heeft, is dat hij hem verzwakt, maar ook gespannen houdt. Tegelijkertijd houdt een myofasciaal triggerpoint een strakke samentrekking in stand in de spierweefsels die er direct mee verbonden zijn.
Deze strakke banden spierweefsel houden op hun beurt de aanhechtingen van de spier voortdurend onder spanning, wat dan vaak weer symptomen veroorzaakt in nabijgelegen gewrichten. De voortdurende spanning in de vezels van het triggerpoint zelf, beperken de circulatie in het omliggende gebied. De ophoping van afvalstoffen, maar ook het gemis aan zuurstof en voedingsbestanddelen die voor de celstofwisseling noodzakelijk zijn, kunnen triggerpoints maanden en zelfs jarenlang in stand houden, tenzij er ingegrepen wordt.
Deze vicieuze cirkel dient doorbroken te worden. (Myofascial Pain and Dysfunction: the Trigger Point Manual, Travell and Simons 1999: 71-75)
Het probleem bij het behandelen van myofasciale triggerpoints is dat zij vrijwel altijd pijn veroorzaken op een andere plek. De reguliere pijnbestrijding is gebaseerd op de gedachte dat de oorzaak van de pijn gezocht moet worden op de pijnlijke plek zelf. Maar myofasciale triggerpoints leiden de pijn altijd af naar elders. Dit zet iedereen op het verkeerde spoor, inclusief de meeste artsen en anderen die in de gezondheidszorg werkzaam zijn.
Volgens Travell & Simons faalt de reguliere manier van pijn bestrijden zo vaak, omdat men zich op de pijn zelf richt en de pijnlijke plek behandelt, waarbij de oorzaak van de pijnklacht over het hoofd wordt gezien en dus niet wordt behandeld. Gebrek aan kennis van dit concept heeft onvermijdelijk een foutieve diagnose tot gevolg waardoor men uiteindelijk niet in staat is de klacht effectief te verhelpen.
Sommige handelingen en gebeurtenissen die triggerpoints veroorzaken, liggen voor de hand, zoals ongelukken, valpartijen, verrekkingen en te veel werk.
De eenmalige gebeurtenis waarbij je jezelf overbelast is berucht om zijn slopende pijn , die lang na het voorval doorijlt. Iedereen draagt wel eens iets dat te zwaar is, traint te intensief terwijl hij niet fit is of werkt te hard en te lang door aan een klus die hij niet gewend is. Dit komt allemaal neer op misbruik van je spieren.
Als myofasciale triggerpoints ontstaan door chronische overbelasting van spieren op het werk, dan is bewegingsarmoede ook een belangrijke factor. Het hebben van een slechte lichamelijke conditie maakt je kwetsbaar voor overbelasting in je spieren. Gespannen of ongemakkelijke werkhoudingen kunnen triggerpoints laten voortbestaan. Het schijnbare comfort en gemak van een langdurige gewoonte kunnen je onbewust maken van het effect op je spieren. Als je spieren gedurende langere tijd onbeweeglijk of inactief houdt, bevordert dat het verstijven en verzwakken ervan. Een zittende levensstijl is een geweldige “vereeuwiger” van triggerpoints. Spieren moeten bewegen om gezond te blijven.
Als gevolg van plotselinge schokken, zoals bij botsingen en valpartijen, ontstaan triggerpoints in de spieren. Zij zijn de belangrijkste pijnoorzaak van whiplash, al wordt dit vaak niet ingezien en blijven de punten onbehandeld. Vaak gaan ook botbreuken, spierscheuringen, verstuikingen en ontwrichtingen gepaard met triggerpoints. Het niet onderkennen van triggerpoints als onvermijdelijk onderdeel van een fysiek letsel, veroorzaakt nodeloos pijn en kan volledig herstel tot in het oneindige uitstellen.
Volgens Travell & Simons kunnen veel soorten medisch handelen onvermoed oorzaak zijn van triggerpoints en myofasciale pijn. Tiggerpoints worden zeker veroorzaakt door immobiliteit vanwege beugels, mitella’s en gipsverband. Als een operatie lang nadien nog pijn veroorzaakt, kan men vermoeden dat triggerpoints bestaan in de spieren waarin is gesneden, die zijn opgerekt of die op een andere manier zijn getraumatiseerd. Artsen blijven soms proberen de pijnlijke plek te behandelen als zij niet inzien dat het afgeleide myofasciale pijn betreft.
Zodra het vermoeden van RSI bestaat (liefst in de eerste fase) moet elke kortcyclische repeterende arbeid gestaakt worden.
Bij de behandeling is het allereerst essentieel dat de patiënt weer leert luisteren naar zijn lichaam.
Luisteren in de zin van aandacht besteden aan pijn en in de zin van regelmatig ontspannen tijdens het werk, maar bovenal in een meer onthechte, relativerende houding ten opzichte van het werk.
Onze therapie is erop gericht om spanning van geblokkeerde spieren te verminderen en de bloedcirculatie te bevorderen, waardoor de zelfhelende mechanismen van het lichaam een kans wordt geboden om te gaan functioneren.
Daarnaast is het belangrijk om de belastbaarheid en het energieniveau te verhogen middels gezonde oefentherapie.
Wij stellen belang aan bewegen vanuit de gehele keten van de bovenste extremiteit (rug, nek, schouder, arm, pols, hand) en het handhaven van een gezonde ademhaling.
Daarom hebben wij het het Flow Motion Systeem ontwikkeld. Dit is een therapeutisch, integraal oefensysteem dat uitgaat van dezelfde basistechnieken als yoga, t’ai chi, gymnastiek, zwemmen en krachttraining.
Daarbij wordt gebruik gemaakt van unieke oefentoestellen zoals de AquaSwing®, BasicAbTouch® en StirringWheels® die door Basic Touch ontworpen zijn.
Daar waar de meeste conventionele fitness apparatuur uitgaat van lineaire of geïsoleerde bewegingspatronen, benadrukt Flow Motion het uitvoeren van bewegingspatronen die meer in overeenstemming zijn met het natuurlijke en gezonde 3-dimensionele bewegen van het menselijk lichaam.
In het verloop van de behandeling zijn in het algemeen 4 fasen te onderscheiden: Fase 3 en 4 vertonen meestal overlap.
1. Als onderdeel van het bevorderen van het zelfherstellend vermogen moeten "helpende" gedachten ontwikkeld worden (“het is nu eenmaal zo”, ”ik ga er wat aan doen”), terwijl niet-helpende gedachten zoveel mogelijk uitgebannen moeten worden. Voorbeelden van niet-helpende gedachten zijn: “waarom ik”; “het is niet uit te houden”; ”het gaat nooit meer over”; ”ik heb een onbehandelbare lichamelijke ziekte”. De eerste behandelfase is een moeilijke fase. Het is gebruikelijk dat de pijn, als men echt rust neemt, de eerste weken juist erger kan worden (zogenaamde “napijn”). Dit leidt vaak tot een depressieve stemming.
2. In deze fase moet aandacht besteed worden aan de signaalfunctie van pijn en aan de gevolgen van het overschrijden van grenzen. Er ontstaat langzamerhand weer een relatie tussen (over)belasting en pijn. In deze fase moeten ook “stopoefeningen“ gedaan worden. Bijvoorbeeld: er ontstaat pijn tijdens stofzuigen. Dan niet het stofzuigen afmaken, maar halverwege stoppen.
3. Zo snel mogelijk moet de belastbaarheid weer opgebouwd worden. Flow Motion met de Aqua Swing is daar uitstekend geschikt voor, omdat het behalve nuttig ook plezierig is. Er wordt vanuit ontspanning met relatief weinig belasting gewerkt. Dit heeft een gunstige uitwerking op de zenuwen en tegelijkertijd verbeteren spierkracht, uithoudingsvermogen en coördinatie. Tevens is het programma een goede graadmeter voor de nieuw verworven activiteiten, omdat het verschillende graden van moeilijkheid kent.
4 Veranderen van houding ten opzichte van omgeving en veranderen van de houding van de omgeving. In deze fase moet een werkhervattingplan opgesteld worden en moet aan de omgeving duidelijk gemaakt worden dat betrokkene veranderd is (in het algemeen “nee” heeft leren zeggen).